Blog

BREEAM als resultaatverplichting

Door Edwin van Eeckhoven, duurzaamheidsadviseur

Het wordt steeds gebruikelijker dat het behalen van een BREEAM-certificaat als resultaatsverplichting wordt neergelegd bij de uitvoerende partijen in de bouwkolom. Bent u als aannemer niet of nauwelijks bekend met de materie, dan kunt u voor nare verrassingen komen te staan. BREEAM is namelijk niet iets ‘wat je er even bij doet’.

Wilt u een BREEAM traject succesvol doorlopen, dan is het zaak voorafgaand aan het aangaan van een resultaatverplichting goed te controleren welke BREEAM-risico’s in de contractstukken zitten en hoe daar mee om te gaan. Is dat in kaart gebracht dan is het cruciaal om tijdens ontwerp en uitvoering te borgen dat de vereiste BREEAM-eisen worden geïmplementeerd. En daarmee het certificaat wordt behaald. Daarover gaat deze blog, maar eerst een korte toelichting over BREEAM.

BREEAM beoordeelt de duurzaamheid van een gebouw, de locatie en het ontwerp- en bouwproces. Hoe hoger de ambitie, hoe meer duurzame criteria (=credits) behaald moeten worden. De criteria zijn vastgelegd in een officiële beoordelingsrichtlijn (BRL), die wordt beheerd door de Dutch Green Building Council (DGBC). De BRL is vrijelijk beschikbaar via internet. Bij de DGBC kunnen cursussen gevolgd worden over interpretatie en toepassing van de methode. Echter, voor een gedegen kennis van de methode is het van belang een aantal certificeringstrajecten te hebben doorlopen.

Ik had al aangegeven dat het zaak is om voorafgaand aan ondertekening van een contract zich ervan te vergewissen of een BREEAM-verplichting überhaupt haalbaar is. Blind vertrouwen op een namens de opdrachtgever opgesteld document dat aantoont dat een bepaalde BREEAM-score haalbaar is, raad ik ten zeerste af. Mijn ervaring heeft geleerd dat die scores zelden tot nooit kloppen. Laat daarom een ervaren BREEAM-expert binnen uw team een eigen BREEAM Quick-scan maken. Immers, zoals de Amerikaanse president Ronald Reagan ooit zei: ’vertrouwen is goed, controle is beter’.

Uit die Quick-scan kunnen verschillende conclusies over de vereiste BREEAM-ambitie naar boven komen:

  • Op geen enkele manier haalbaar.
  • Haalbaar, mits er planwijzigingen doorgevoerd mogen worden die noodzakelijk zijn voor het behalen van de BREEAM-ambitie.
  • Net haalbaar, maar dan mag tijdens ontwerp en uitvoering niets mis gaan.
  • Goed haalbaar, zelfs een hogere BREEAM-ambitie behoort tot de mogelijkheden.

Prestatiecontracten kunnen ook andere BREEAM gerelateerde risico’s herbergen. Bijvoorbeeld opgelegde mijlpalen die binnen een certificerings- of subsidietraject gewoon niet haalbaar zijn. Of het recht van een opdrachtgever c.q. huurder om planwijzigingen door te voeren die potentieel nadelig zijn voor de te behalen BREEAM-score. Hetzelfde geldt voor een mogelijk nadelige invloed van werken derden op de vereiste score. Het is de taak van uw BREEAM-expert ook deze risico’s te verwerken in de Quick-scan.

U kunt vervolgens een afweging maken voor welke BREEAM-kwesties u geen enkele of een beperkte verantwoordelijkheid wenst te aanvaarden. Hoe dat in de definitieve overeenkomst met de opdrachtgever wordt verwerkt is aan u.

Dan begint het echte werk, zorgen dat de vereiste BREEAM-ambitie wordt gehaald, met als ultiem bewijs het door de DGBC verstrekte BREEAM-certificaat, met vermelding van de score.

Partijen die onbekend zijn met BREEAM hebben de neiging het te beschouwen als een accessoire dat vrijblijvend op enig moment in het bouwproces kan worden meegenomen. Helemaal fout!
BREEAM stelt eenduidige eisen aan wat op welk moment op welke manier moet worden aangetoond. En, BREEAM doe je niet op je eigen houtje, maar met elkaar. Het is daarom cruciaal dat u bij aanvang van het project een startoverleg houdt waarin alle belanghebbenden aanwezig zijn die op een of andere manier een rol spelen in het behalen van het certificaat. De Quick-scan is daarbij een nuttig hulpmiddel om te laten zien wat door wie op welk moment gedaan moet worden, welke risico’s er zijn en hoe die beheerst kunnen worden.

Tijdens het ontwerpproces ligt het zwaartepunt op het verwerken van de BREEAM-eisen (=credits) in het ontwerp. BREEAM kent een aantal verplichte eisen die per se gehaald moeten worden omdat anders het certificaat niet afgegeven wordt. Overige keuzes relevant voor BREEAM moeten op de vereiste momenten vastgelegd worden. Uitstel is slechts in uitzonderlijke gevallen mogelijk. BREEAM stelt strenge voorwaarden aan de bewijslast die moet aantonen dat de eisen correct zijn verwerkt in het ontwerp. Die bewijslast moet met elkaar in overeenstemming zijn voor eisen die met elkaar samenhangen, wat vooral het geval is wanneer een hoge BREEAM-score is voorgeschreven. Voldoet het ontwerp aan de gestelde BREEAM-eisen, dan ligt een BREEAM-ontwerpcertificaat in het verschiet.

Gedurende de bouw ligt de focus op het voorkomen van het verlies BREEAM-eisen die in de ontwerpfase zijn behaald. Dat betekent dat bij de ingebruikname alle eisen aan gebouw, inrichting en locatie moeten zijn gerealiseerd. En aanvullend: dat is voldaan aan de eisen die BREEAM stelt aan het bouwproces. Pas dan komt het project in aanmerking voor het definitieve certificaat, beter bekend als het oplevercertificaat.

Tijdens ontwerp en uitvoering kunnen kostbare faalmomenten ontstaan als er door de BREEAM-expert niet alert wordt geanticipeerd, bewaakt en bijgestuurd. Gemaakte afspraken (ontwerp, afstemming, uitwerking, materialisatie, tijd) moeten worden nagekomen. Risico’s moeten worden beheerst. De impact van wijzigingen tijdens ontwerp en uitvoering op de BREEAM-eisen moet worden onderzocht. De communicatie over BREEAM moet iedereen overtuigen -wat moet waarom, wanneer, en wat juist niet.

Kortom, een klus met veel verantwoording. We adviseren u daarom om voor de rol van BREEAM-expert een persoon aan te stellen die gepokt en gemazeld is in BREEAM en de vaardigheid bezit om het ontwerp-/bouwteam, opdrachtgever en huurders bij de les te houden.

Overzicht

schermafbeelding-2018-01-30-om-17-28-31schermafbeelding-2018-02-12-om-17-07-49